Het land dat de hoge verwachtingen meer dan waarmaakt: Nieuw Zeeland.

De meeste mensen zullen deze dagen veel achter de computer zitten of met de telefoon in de hand. Daarom is het meer dan de hoogste tijd voor een #happyupdate over onze reisavonturen in Nieuw Zeeland. Dus schenk nog een kopje thee of koffie in, en ga er eens lekker voor zitten en vergeet eventjes alle Corona ellende en geniet van onze verhalen over een fantastisch land.

Na een wat vreemde kerst kwamen we rond 1 uur ’s nachts aan in ons hostel in Christchurch. De volgende dag waren we dus nog een klein beetje verrot, maar echt tijd om rustig aan te doen hadden we niet. We moesten namelijk weer op jacht voor een nieuwe bus. Omdat we iets minder tijd hebben in Nieuw Zeeland (dan Australië) wilden we hier zo min mogelijk tijd aan verspillen en stiekem ook zomin mogelijk geld. Dit laatste bleek nogal lastig want de prijzen in Nieuw Zeeland liggen een behoorlijk stuk hoger dan in het buurland. Maar we waren goed voorbereid en hadden al 4 bezichtigingen staan. En met succes, want na 4 dagen waren wij de nieuwe eigenaar van weer een prachtige Toyota Hiace, deze keer uit het jaar 1996. Nog eens 3 jaar ouder dan onze vorige bus dus. Maar wel wat minder kilometers op de teller, en de binnenkant was net nieuw gebouwd. Al met al een goede deal denken we. Ook al werd het snel duidelijk dat we onze ‘high top’ bus uit Australië wel zouden missen. Binnen een week hebben we allebei denk al minstens 10 keer ons hoofd gestoten. Maar ach, het zal wel wennen.

In Christchurch hebben we naast onze bussenjacht ook nog tijd gehad om een museum te bezoeken, lekker door het park te wandelen, de stad te bekijken (incl. de nog steeds zichtbare schade van de mega aardbeving in 2011) en de leuke restaurantjes en foodmarket te bezoeken. Nadat we onze bus hadden sliepen we onze eerste nacht in Christchurch aan het strand. Wat kan het leven soms toch mooi zijn hè!

Toch zaten we een beetje in dubio. Want we konden direct aan onze reis over het Zuider eiland beginnen, maar dan zouden we Oud en Nieuw vieren in een mini dorpje waar niets te beleven is. Dus besloten we om eerst richting de ‘Banks Peninsula’ te rijden, een prachtig gebied met mooie baaien waar we kamperen aan het water, de vuurtoren bezoeken en een lekker bakkie koffie drinken. Nadat we hier ontspannen onze eerste dagen in onze bus ‘Kees’ (ja vernoemd naar Opa ja ☺) doorbrachten, reden we terug naar Christchurch om in het stadspark Oud en Nieuw te vieren bij het plaatselijke festival. Dit bleek achteraf ook geen spetterend feest (geen alcohol en wel veel kinderen + het was om 12 uur afgelopen…) maar het was toch wel leuk om wat vuurwerk en de plaatselijke muziek helden te zien. Happy New Year dus!

Met het losbarsten van het nieuwe jaar was het naar onze mening ook de hoogste tijd om echt aan onze roadtrip te beginnen. Via de Arthurs’ pass reden we in een aantal dagen naar de westkust. Onderweg stopten we voor prachtige rotsformaties, hoge kliffen, bijzondere vogels (Kea’s) en moesten we aardig wennen aan het nieuwe klimaat. Maar goed dat we allebei een nieuwe jas gekocht hebben. Het voordeel aan regen is wel, dat watervallen ook daadwerkelijk water hebben. Zo zie je maar weer, ieder nadeel heeft zijn voordeel. Dik ingepakt maken we ook nog een wandeling naar de Pancake rocks, mooie rotsformaties die met wat fantasie op opgestapelde pannenkoeken lijken, en ervaren we voor het eerst wat het hoogseizoen tegenwoordig met Nieuw Zeeland doet. We kamperen namelijk op een legale gratis camperplek, maar we zijn zeker niet de enige. Ik denk dat we met wel 30 andere campertjes en grote campers op een verlaten grasveld staan. Dit neemt wel een beetje de charme weg van de mooie natuur. En tot overmaat van ramp begint onze bus ook nog te lekken door alle regen die met bakken uit de hemel blijft komen

Maar, na regen komt zonneschijn. Ook in Nieuw Zeeland. Dus vervolgen we onze weg langs de westkust met een goedhumeur. Van een fantastische turquoise rivier bij de Hokitika Gorge, naar prachtige meren en wandelpaadjes. Lekker rond touren dus en voor de nacht vonden we deze keer een gratis plek waar maar 1 ander busje stond. Top! Onderweg kwam er trouwens ook nog wat overstekend wild langs (zie foto). Tja, we hebben toch geen haast.

Hierna reden we door naar de Franz Josef gletsjer. Helaas moesten we hier twee dagen wachten voordat het weer beter werd en we konden gaan doen waar gekomen waren: de gletsjer op. En hoe! In eerste instantie wilde we gaan voor de dure helihike. Hierbij zou je met een helikopter de gletsjer opgaan om vervolgens twee uur over de gletsjer paadjes te wandelen. Helaas was dit helemaal volgeboekt door al het slechte weer van de afgelopen dagen. Maar ze kon ons voor ‘maar’ $100 extra wel nog inschrijven voor het ijsklimmen. Dit zou dan een dag zijn waarbij we zo een 5 uur op de gletsjer door brengen en wellicht ook nog wat zouden wandelen. Daar gingen we dan maar voor, het was toch al sowieso heel duur.

Achteraf bleek de keuze voor het ijsklimmen misschien wel een van de betere van onze reis. WAT EEN DAG! We werden wakker en de lucht was blauw met een stralende zon. En eenmaal bij de organisatie hoorde we het goede nieuws: het gaat door! We stonden dus netjes om 8 uur paraat om alle benodigdheden te passen en met de eerste helikopter van de dag omhoog naar de gletsjer te gaan. We hadden allebei nog nooit in een helikopter gezeten dus dat alleen al was super gaaf. Na een korte vlucht leerde we op de gletsjer eerst de basis technieken van het ijsklimmen. Daarna konden we zelf aan de slag. Elkaar zekeren en aanmoedigen en af en toe ook behoorlijk hard lachen natuurlijk. Later maakte we ook nog een super gave wandeling over de gletsjer. Maar niet gewoon over de gebaande paden van de helihike groepen. Nee, onze gidsen hakten speciaal voor ons de paadjes en zo kwamen we op stukken van de gletsjer waar zij zelf ook al behoorlijke tijd niet geweest waren. Daar deden we ook nog een poging op een moeilijk stuk ijswand maar helaas was onze conclusie dat de kracht in ons lichaam niet meer helemaal is wat het ooit geweest is. Maar al met al was dit echt een waanzinnige dag en zijn we maar liefst 8 uur op de gletsjer geweest. We hadden namelijk pas weer de laatste helikopter van de berg af. Achteraf hoorde we ook dat maar 1 op de 3 ijsklim tours doorgaat, en dat als het al doorgaat ze vaak na een paar uur alweer naar beneden moeten vanwege het weer. We zijn dus echt mega grote geluksvogels. ☺

Vanuit Franz Josef was het tijd om via een lange maar mooie rit door te rijden naar Wanaka. We reden tussen twee prachtige meren door en zijn meer dan eens gestopt om van het uitzicht te genieten. Helaas was ik (Elsa) niet 100% fit toen we hier waren, dus alle lange en mooie hikes hebben we helaas niet kunnen maken. We hebben het maar even bij een korte wandeling naar een lager uitzichtpunt gehouden. Ook mooi maar wel jammer. Wel relaxte we aan het meer, speelde we Frisbee-golf in een speciaal hiervoor ingericht park, en bezochten we de ‘Wanaka tree’. Een zwaar overhypt boompje in het meer waar iedereen een foto van wil maken. Tja… #instagram.

Daarna reden we door naar Queenstown. Op zich een leuk en gezellig dorp maar ook echt enorm toeristisch. Daarbij kwam dat wij op dat moment weinig zin hadden om honderden dollars uit te geven aan alle activiteiten die je daar kan doen en het weer was niet echt best. Dus wij reden eigenlijk vrij snel weer door richting Milford Sound. Daar schijnt het toch 300 van de 365 dagen te regenen, en als het regent en mistig schijnt het ook mooi te zijn. Daar gaan we dus maar voor.

Het is wel echt een behoorlijk eind rijden, 4 uur vanuit Queenstown. We sliepen die middag op een camping op driekwart van de route zodat we de volgende ochtend al dichtbij waren voor onze vroege boottocht van 9 uur. Het regende de hele nacht, maar toen wij op de boot stapte hield het toch op met regenen. We hebben uiteindelijk bijna de hele trip vanaf het dek meegemaakt. Het was wel behoorlijk koud met 8 graden (en geen winterjas, dus alle lagen kleding die we hebben over elkaar heen), maar het was echt mysterieus mooi. Hoge bergen omringd met mistige wolken en overal watervallen die van de bergen afkletteren. Daarbij hebben we zeehonden gezien en zwommen de dolfijnen een heel eind met onze boot mee! Op de heenweg met ons campertje richting Milford Sound was het landschap al fantastisch mooi, maar door de vroege boot tour hadden we geen tijd om overal te stoppen. Gelukkig hebben we op de terugweg wel alle tijd kunnen nemen en hebben we op verschillende plekken gestopt om een mooie wandeling te maken in deze machtige natuur. Wel in de regen, want die was inmiddels weer terug.

Nadat we onze reis hadden opgebroken met een nachtje in Lumsden reden we naar Dunedin. Een stadje aan de oostkust. Een beetje rondstruinen, winkeltjes kijken en biertjes drinken. Meer stond er niet op de planning. ’s Avonds sliepen we in een leuke wijk waar we onze bus zo met uitzicht op zee konden parkeren. We hoefde ons dus niet te vervelen en hadden prachtig uitzicht over de grote golven en de vele surfers. Bij onze avondwandeling langs het strand spotte we ook nog een slapende zeeleeuw die zich niets leek aan te trekken van de voorbijlopende strandgangers.

Via de Moeraki Boulders, die eigenlijk niet meer zijn dan een stel ronde stenen op het strand waar de Aziatische toeristen goed op gaan, reden we naar het schattige dorp Oamaru. Het lijkt wel alsof de tijd hier heeft stil gestaan. Er is en heel gave oud industriële straat waar nu allemaal hippe winkeltjes, bakkerijtjes en bierbrouwerijen zijn gevestigd. De bakkerij schijnt Nederlands te zijn. Maar behalve de Hollandse fiets voor de deur en het woordje ‘bakkerij’ leek het daarbinnen niet echt op. Dus geen mergpijpen en gevulde koeken helaas.

Onze volgende bestemming was het Mackenzie district. Hier liggen onder andere Lake Pukaki en Tekapo, Mount Cook en Twizel. Wij vonden dit echt een van de mooiste gebieden van Nieuw Zeeland. Zo zijn we aan Lake Pukaki twee keer wakker geworden met het meest fenomenale uitzicht dat je je maar kan bedenken en hebben we bij Mount Cook twee fantastische wandelingen gemaakt. We begonnen met de makkelijke Hooker Valley track (nadat we wel al hadden hardgelopen ’s ochtends) die je in 5 relatief vlakke kilometers door het dal naar een mooi gletsjer meer brengt (en weer terug natuurlijk). De volgende dag stond de zware tocht naar de Müller Hut op Mount Oliver op de planning. Het eerste gedeelte bestaat uit 2200 trappen en het tweede gedeelte uit het klimmen en klauteren over stenen en sneeuw recht de berg op. Je kan ook in de hut overnachten maar wij besloten om weer gewoon naar beneden te lopen. Na een flinke toch van in totaal 6 uur berg op en af wandelen waren we behoorlijk gesloopt toen we weer terug kwamen. Maar het uitzicht bovenop was fenomenaal en het is altijd bijzonder om door de sneeuw te hiken. Voor iedereen die hier ooit heen gaat en wat meer tijd heeft dan de meeste mensen zou ik deze zeker track 100% aanraden.

Na deze toch wel intensieve paar dagen besloten we de volgende dag naar Lake Tekapo te rijden en hier rustig even een koffietje te drinken. Ik wist wel een leuk tentje vanuit de Lonely Planet… Helaas bleek dit café weer eens bovenop een berg te liggen. Dus met onze spierpijn liepen we toch maar weer een uurtje omhoog. Normaal halen we vaak mensen in en lopen we sneller dan de bordjes aangeven, maar deze keer gingen we niet zo snel meer. Eenmaal boven bleek het uitzicht het meer dan waard, maar was het wel een beetje zuur dat je hier ook gewoon met de auto heen had kunnen rijden. Een goede voorbereiding is het halve werk zullen we maar zeggen.

Inmiddels moesten we onze tocht richting de westkust in gang gaan zetten want er wacht nog meer moois op ons en we moeten op 30 januari op het Noordereiland zijn voor een bruiloft van een stel dat we in Vietnam ontmoet hebben. We reden dus door, via een pitstop bij Fairlie voor de heerlijke en bekende pies, naar Geraldine. Hier deden we niet zo heel veel meer dan in het gras een boek lezen en een beetje bijkomen van al ons gewandel. Douchen is altijd een uitdaging als je grotendeels op gratis camping plekken slaapt en na wat snelle $2,- = 2 minuten douches bij Mount Cook wilden we nu wel wat langer badderen. En dus reden we naar het plaatselijke zwembad waar we voor een paar dollar heerlijk konden badderen en daarna een lekkere warme douche nemen.

In Geraldine was op goede burgers na niet zo heel gek veel te beleven en dus besloten we door te rijden richting Christchurch. We stopten onderweg nog bij een mooie rivier en in Christchurch deden we grote boodschappen. Want in al die kleine leuke plaatsjes zijn vooral dure boodschappen te koop. Inmiddels was hier ook al duidelijk dat Elsa meeging doen aan de estafette editie van de Leiden Marathon dus moest er getraind worden. ’s Ochtends dus eerst een rondje hardlopen voordat we onze tocht naar het noorden vervolgde.

In Kaikoura wilde we eigenlijk met dolfijnen zwemmen. Maar we waren een beetje te laat met boeken. Dus werd het een walvis tour. We hebben twee enorme sperm whales gezien maar eigenlijk vonden wij alle enthousiaste en schattig springende dusky dolfijnen nog leuker dan de walvissen.

De volgende ochtend reden we, na een mooie kust wandeling, door naar een van onze favoriete regio’s: de Malborough regio. Het was weer tijd voor wijn. Een van onze favoriete wijnen thuis komt hiervandaan. We zijn bij de wijngaard geweest die deze produceert en sliepen ’s nachts op een parkeerplaats bij de plaatselijke rugby club. Een soort Hertogspark waar 10 campers mogen overnachten. De volgende ochtend konden we douchen bij het sportcomplex en dus was het weer tijd voor een rondje rennen. Daarna begon het meer ontspannen gedeelte van de dag: onze zelf bedachte wijn-tour. Deze keer niet met een uitgebreide organisatie maar met de benenwagen op stap door de wijnvelden. Zo bezochten we uiteindelijk 4 prachtige wijngaarden en gingen we met een bepakte rugzak vol wijn en na een goede kaasplank voldaan terug naar onze camper.

Hierna hadden we nog een paar dagen in het noorden van het Zuidereiland in het Abel Tasman gebied. We bezochten een enorm heldere bron, een waterval en kampeerde op een mooie camping aan zee. Adwin heeft ook nog een dagje gespeeld op de Tasman Golf Club. En het mooie daarvan was, dat we ’s avonds ons campertje mochten laten staan op de parkeerplaats om te overnachten. We hadden zo echt het allerbeste uitzicht van deze regio, helemaal voor onszelf!

We hadden ook nog de tip gekregen om de ‘French Pass’ te bezoeken. Hier konden we niets over vinden in de Lonely Planet maar volgens mijn oud-collega was het een van de mooiste plekken van Nieuw Zeeland. Je moest er wel wat voor over hebben. Zo was het anderhalf uur rijden vanaf de hoofdweg, over enorme slingerwegen, waarbij het laatste stuk (15km) niet geasfalteerd is. Het uitzicht schijnt fantastisch te zijn. Met de nadruk op schijnt, want wij hadden zowel op de heen- als terugweg te maken met een hardnekkig wolkenveld. Gelukkig was de baai (onze uiteindelijke eindbestemming voor 2 nachten) wel echt enorm mooi. Het was zo relaxt en fijn om op een plek te zijn waar maar weinig andere mensen waren en die zoveel rust uitstraalt. Heerlijk. Niets anders doen dan een beetje chillen, lezen, spelletjes doen en sporten.

Om te voorkomen dat deze #happyupdate echt uit zijn voegen barst hou ik het voor nu even bij het Zuidereiland. Maar geen zorgen, ook over het Noordereiland heb ik nog genoeg te vertellen. Maar je moet in week 2 van de Corona Crisis ook nog wat te lezen hebben toch?

Doe voorzichtig! 

Liefs,

Adwin en Elsa

Recommended Posts

No comment yet, add your voice below!


Add a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *