Indonesië: heel veel chillen & heel veel spierpijn.

En dan is het plotseling alweer tijd voor een van onze laatste updates uit het fantastische Azië. Indonesië is namelijk de laatste bestemming voordat wij onszelf gaan verplaatsen richting Australië en Nieuw-Zeeland. Maar we zullen niet op de zaken vooruitlopen want we hebben nog bijna een maand Indonesië voor de boeg waarvan het laatste deel samen met Arjo, Martijn en Maartje zullen zijn. Superleuk dus!

We waren nog niet eens goed en wel bijgekomen van de fantastische duikervaring bij Sipadan of we zaten alweer op het vliegveld in Tawau om richting Jakarta af te reizen. Na weer een lange dag reizen, taxi-vliegtuig-taxi, kwamen we ’s avonds in het megadrukke Jakarta aan. Er was niet zo heel veel tijd meer over om nog op ontdekkingstocht te gaan en dus hebben we na het inchecken bij een typisch Indonesisch tentje (mega chill eten!) naast ons hostel gegeten om daarna lekker te gaan slapen. De volgende dag gingen we echt op pad. We hebben een heel eind door de stad gelopen en hebben een aantal musea en grote pleinen gezien. Wat ons met name opviel is dat eigenlijk niet de omgeving de attractie was waarvoor mensen kwamen, maar dat met name de toeristen zoals wij hier graag op de foto werden gezet door de plaatselijke bevolking. Zo zijn we in onze eerste dag in Indonesië wel met 20 mensen op de foto geweest, en 10 keer geïnterviewd door scholieren die de opdracht hadden gekregen om hun Engels te oefenen. Vaak viel daar wel wat voor te zeggen want na 10 keer dezelfde vraag beantwoord te hebben, hadden ze vaak nog niet echt door wat je nou eigenlijk bedoelde. Ach, iedereen was wel heel vriendelijk en dankbaar dat we meewerkte dus echt erg was het niet.

In Jakarta hadden we verder niet zoveel dingen die we graag wilde bezoeken dus na nog een nachtje slapen en een zweterige sportsessie (er was zowaar een mini gym bij het hostel) was het tijd om in de trein te stappen richting Bandung. En omdat de luxetrein bijna net zo duur was als de basic trein besloten we deze maar te boeken. Dat viel niet tegen. Hier kan de NS nog wat van leren. Brede stoelen die naar achter kunnen, voetenbankjes, airco en zelfs de keuze om wat te eten te kopen in de trein. En bovendien: op tijd!

Na een ontspannen reis met hele mooie uitzichten kwamen we aan in een mega mooi nieuw hostel met heel aardig personeel en leuke mensen. Daarom besloten we om de volgende dag met twee leuke Duitse meiden op stap te gaan richting het zuiden van Bandung naar de witte krater ‘Kawah Putih’, theevelden en een hotspring. De witte krater is een vulkanisch meer dat enorm naar zwavel stinkt maar wel een bijzonder mooi uiterlijk heeft. In het Noorden van Bandung liggen ook nog een aantal bezienswaardigheden en een mooie vulkaan, maar omdat deze net is uitgebarsten was het niet helemaal veilig om die kant op te gaan. Dit blijkt later een terugkerend thema want de meeste mooie vulkanen die we willen bezoeken zijn niet echt toegankelijk op dit moment.

Na nog een mooie wandeling richting een waterval in het ‘stadspark’ van Bandung namen we weer een trein richting Batu Karas. Een slaperig kust plaatsje dat bekend staat voor het surfen, seafood en de prachtige omgeving. Wij hebben hier een fantastische dag gehad waarbij we op de scooter door het platteland reden op weg naar de green valley en green canyon. Twee bijzondere natuurfenomenen waar we ons al zwemmend, klauterend en springend een weg door baande. Weer heel anders dan al het andere wat we al gezien hebben, maar zeker niet minder indrukwekkend. Verder hebben we in Batu Karas niet heel veel meer gedaan dan genoten van het strand, de zon en lekkere verse vis. Het surfen hebben we maar even overgeslagen omdat de beruchte ‘bluebottle’ kwallen gesignaleerd waren.

Onze reisdag richting Jogjakarta liep niet helemaal zoals gepland. De eerste 3 uur hebben we zitten stressen omdat de plaatselijke bus besloot om de eerste 2,5 uur op een slakken tempo te rijden, en pas het laatste half uur gas te geven. We waren dus niet echt zeker dat we de trein gingen halen. En aangezien deze trein 1. heel erg duur was, 2. er pas 10 uur later weer een trein zou gaan en 3. al betaald was wilden we deze trein echt graag halen. Uiteindelijk werden we 1,5 km van het station gedropt en hebben we dus min of meer 1,5 km gesprint met onze grote backpacks richting het station. Maar we hebben de trein wel gehaald!

Eenmaal in Jogjakarta werd Adwin al na 1 dag behoorlijk ziek. Hoge koorts en heel veel hoofdpijn hielden aan, dus na 1,5 dag ziek zijn besloten we ook hier maar een dokter op te zoeken. Land numero 3 waar we een dokter/ziekenhuis nodig hebben. Gaat lekker dus. Gelukkig bood onze bevriende hosteleigenaar aan om mee te gaan naar het ziekenhuis om als tolk te fungeren. Dat was toch best wel prettig. Uiteindelijk bleek er bij Adwin gelukkig geen sprake van Dengue of iets anders tropisch engs te zijn, maar ‘slechts’ een virus. En op aanraden van de dokter moesten we het dus echt even rustiger aan doen. Dit leverde nog een hele grappige situatie op omdat Adwin dacht dat de dokter hem aanraadde om meer ‘rice’ te nemen ipv ‘rest’. Ad begon al heel verontwaardigd antwoord te geven dat hij de laatste 4,5 maand alleen maar rijst heeft gegeten voordat het tot hem doordrong dat de dokter ‘rest’ zei, en geen rice. Zo werd een niet zo leuk ziekenhuis bezoekje toch nog memorabel.

Na een aantal dagen rust in het hostel ging het gelukkig al weer een heel stuk beter en besloten we om op onze laatste dag in Jogjakarta voor de zonsopgang naar de Borobodur te gaan. Helaas bleef het ongeluk wat betreft zonsopgangen (na de teleurstelling bij Ankor Wat in Cambodja) ons achtervolgen en waren we ook hier voor niets om 3 uur ’s nachts opgestaan want: geen zon!

Omdat Adwin toch nog niet helemaal fit was, en we eigenlijk wel een beetje klaar waren met de enorm lange reisdagen besloten we om de Bromo vulkaan (die overigens ook uitgebarsten is, en we dus niet naar de top zouden kunnen) en de Ijen vulkaan over te slaan en de rest van Java te laten voor wat het is, en direct richting Lombok te vliegen.

Zodra we landde op Lombok reisden we direct door richting Gili Air. Één van de drie klein eilandjes tussen Lombok en Bali. Niet alleen omdat we wel wat tijd konden gebruiken op het strand, maar ook omdat onze Engelse vrienden George en Hannah inmiddels ook op Gili Air waren aangekomen. Dat is het derde land waar we met hun op kunnen trekken. En dat zonder dat we echt heel erg onze planningen op elkaar afgestemd hebben. Ook was het echt super tof dat we Marloes (voor de onwetende lezer, Marloes is een vriendin uit Nederland) nog ontmoet hebben op het buureiland Gili Trawangan. Toevallig was zij daar op vakantie en het was heel leuk om na ruim 4,5 maand eindelijk weer eens een vertrouwd gezicht te zien! Natuurlijk vloog de tijd voorbij en was die ene dag helaas veel te kort om eens echt even uitgebreid bij te praten…

Gili Air is een vrij toeristisch eiland, maar het heeft een hele ontspannen sfeer en goede restaurantjes. Wij vinden het stiekem ook wel weer eens lekker om wat meer westers eten te eten na ruim 4 maanden rijst. Verder is Gili Air een heerlijk rustig eilandje waar geen gemotoriseerde voertuigen zijn. Iedereen verplaatst zich te voet, te paard of op de fiets. Dit brengt een bepaalde relaxte vibe met zich mee waar we alle vier erg van gecharmeerd waren. Dat resulteerde dan ook in meermaals verlengen van ons verblijf. Het is heerlijk om even wat langer op een plek te zijn en een soort van ritme te hebben. ’s Ochtends wakker worden met een yoga lesje of een bezoekje aan de gym, ontbijten en rustig over het eiland wandelen op zoek naar goede koffie en een lekker plekje in de zon. Onze dagen op Gili Air zijn dus eigenlijk alleen maar gevuld met duiken, eten, sporten en luieren op het strand. Én fantastische zonsondergangen bekijken. Dat is toch meer ons ding dan steeds vroeg uit bed voor een zonsopgang waarvan je niet weet of ie er wel is… Het leven op de Gili’s komt aardig in de buurt van een droomleventje als je het mij vraagt. Helaas komt aan al het goede een eind. Want na 9 fantastische dagen op Gili Air werd het tijd George en Hannah gedag te zeggen. Zij vliegen namelijk door naar Australië en Nieuw-Zeeland, maar zullen daar alweer weg zijn voordat wij daar aankomen. Dat betekent dat tegen de tijd dat wij weer terug in Nederland zijn, we maar eens moeten kijken of we een bezoekje aan Londen kunnen brengen.

Na al het niks doen op Gili Air was het tijd om ons eens goed in te spannen. En hoe! Het beklimmen van Mount Rinjani. De twee-na-hoogste vulkaan van Indonesië. ’s Ochtends om half 7 zijn we opgestaan in het kleine dorpje Senaru en werden we met een groep van 10 mensen (en een gids) gedropt aan de voet van de Rinjani. Na ongeveer 2000 hoogtemeters, 21.000 stappen en heel veel gevloek kwamen we na 7 uur wandelen eindelijk aan bij de kraterrand van de Rinjani. WAUW. Wat een uitzicht! Hier hebben we het allemaal voor gedaan. Want om heel eerlijk te zijn, was dit fysiek echt een van de zwaarste dingen die we ooit gedaan hebben. Het enorm steile ‘pad’ bestaat namelijk vooral uit zand, steentjes en nog meer zand. Daardoor konden we het laatste uur steeds nog maar iets van 10 stappen zetten, waarna we weer even stil moesten staan om de verzuring weg te laten zakken. Maar we hebben het gehaald.

Na de zware klim naar boven stond ons een nachtje in een tentje te wachten. De porters (die met alle kampeer- en kookspullen naar boven lopen) hadden een lekker maaltje ‘nasi goreng’ voor ons gemaakt. Ondanks dat we echt supermoe waren viel slapen niet echt mee. Het was namelijk behoorlijk koud boven op de berg, en ondanks al onze lagen kleding en de door de porters meegebrachte slaapzak was het maar moeilijk om het echt warm te krijgen. Daarnaast gierde de wind als een malle over de berg. Gelukkig werd het uiteindelijk vanzelf weer licht en was het, na een ontbijtje, tijd voor de afdaling. Over het algemeen een stuk makkelijker, maar als je 5 uur lang afdaalt weten je benen op een gegeven moment ook niet meer hoe je lopen moet. We waren dan ook heel blij toen we uiteindelijk weer veilig beneden stonden. We moesten wel nog even geduld hebben wat betreft een lekkere douche en een goed bed, want we moesten eerst nog 4 uur reizen richting het zuiden van Lombok naar het plaatsje Kuta.

Eenmaal aangekomen in Kuta begon het echte luxeleventje. Adwin had namelijk voor mijn verjaardag niet 1 nacht een lekker hotel geboekt, maar wel 4 nachten. Zo konden we lekker bijkomen van ons Rinjani avontuur en mijn 27e verjaardag vieren. De Rinjani was ons niet in de koude kleren gaan zitten en de eerste twee dagen liepen we in Kuta dan ook rond als een stel pinquins met idioot veel spierpijn. Zelfs een goede massage kon dit helaas niet verhelpen. We hebben onze dagen dan ook vooral gevuld met heerlijk eten, chillen aan het zwembad en scooter rijden naar de mooiste strandjes. En op mijn verjaardag was het natuurlijk weer tijd voor TAART! De dag begon al goed toen het personeel van het hotel ons toe kwam zingen en een taartje brengen. Daarna hebben we onszelf nog eens getrakteerd op koffie met taart waarna we de rest van de dag lekker aan het strand gelegen hebben. ’s Avonds was het tijd voor burgers en cocktails. Met ander woorden: een top verjaardag dus! Alhoewel het tegelijkertijd ook een beetje gek is om je verjaardag te vieren zonder al je vrienden en familie om je heen.

Inmiddels zijn we al 5 maanden onderweg en dat betekent ook dat het tijd is voor het bezoek van de familie van Trigt. Daarom zijn we vanaf Lombok richting Kuala Lumpur gevlogen om daar eerst Kuala Lumpur te ontdekken, vervolgens richting Bali te vliegen voor de nodige vakantie chill-heid, om daarna richting Singapore te gaan om het bezoek af te sluiten met een knaller: een bezoek aan de formule 1 van Singapore. Daarna is het voor Arjo, Martijn en Maartje tijd om weer naar Nederland te gaan, en zullen wij ons richting Australië begeven. Zoals jullie allemaal wel zullen snappen vinden we het superleuk om de fam weer te zien en kunnen we niet wachten om eens lekker bij te praten. 

 

In onze volgende #happyupdate zullen we een uitgebreid verslag doen van alle avonturen samen en kunnen we jullie bijpraten over de tweede helft van onze reis. 

 

Liefs, 

 

Adwin en Elsa

Recommended Posts

No comment yet, add your voice below!


Add a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *